Op 1 december 2024 begon een nieuwe Europese Commissie (EC) aan een regeringsperiode met veel van dezelfde kopstukken. Het hernieuwde mandaat rust op de constatering dat het enkele minuten voor twaalf is voor de Europese economie. De hamvraag is alleen waar men de noodzakelijke geldbedragen vindt om weer mee te doen in de wereldeconomie. Door een Europese kapitaalmarktunie naar Amerikaans model te vormen hoopt de EC dat te bereiken. Zo verschuift de geldschietende rol van banken steeds meer naar private investeerders. Maar wat is een kapitaalmarktunie precies? En waarom heeft de Europese burgerij particulieren nodig om haar doelen waar te maken?
Dit artikel werpt een blik op een complex economisch vraagstuk. Toch is het belangrijk dat werkende mensen bekend worden met de grote gevolgen van deze ingrijpende systeemverandering. Een kapitaalmarktunie raakt niet alleen aan de manier waarop wij bedrijven en diensten financieren in de Europese Unie. Het geeft anonieme particulieren uit de bourgeoisie ook meer zeggenschap over de plekken waar wij werken en leven.
De zoektocht naar 800 miljard
In de wereldwijde concurrentie met China en de VS laat Europa het afweten. Het ooit zo machtige Europa kan deze economieën met een sterk gedereguleerde arbeidsmarkt en nagenoeg onbegrensde toegang tot olievelden, gasleidingen en kapitaalgoederen niet bijbenen. De burgerman met de bolhoed denkt nog steeds dat hij de gelijke is van de e-commerce ondernemer uit San Francisco of de tech-investeerder uit Shenzhen. Maar de Amerikaan verspreidt zijn kapitaal over startups in ai en de ruimtevaart, terwijl de Chinees elektrische auto’s van westerse kwaliteit bouwt voor een fractie van de prijs. Ondanks zijn historische rol in de primitieve accumulatie, blijft de Europese kapitalist daarom achter en afhankelijk van beide. Op het World Economic Forum stelde Larry Fink, de CEO van BlackRock, dat Europa het niet alleen laat afweten door een gebrek aan mensen en middelen, maar vooral door een gebrek aan financieringskapitaal: “de Amerikaanse economie [heeft] een groot voordeel ten opzichte van Europa – de diepe fundamenten van haar kapitaalmarkten maken het voor ondernemers gemakkelijker om kapitaal aan te trekken.”1
De energiecrisis van 2022 heeft blootgelegd dat een aanzienlijke portie van de Europese welvaart afhing van de gasleidingen uit het oosten. De LNG-schepen uit het westen kunnen onmogelijk net zo’n kosteneffectieve grondstofbron vormen. Daarom moet de prijs van Europese producten gedrukt worden met behulp van een efficiëntere bedrijfsvoering en opschaling van de productiekrachten. De voormalige voorzitter van de Europese Centrale Bank, Mario Draghi, berekende in een uitgebreide analyse dat Europa jaarlijks zo’n 800 miljard aan extra investeringen nodig heeft om weer mee te tellen. Om dit kolossale bedrag bij elkaar te sprokkelen spreekt het rapport over het vormen van een Europese kapitaalmarktunie.
Een kapitaalmarkt is een plaats waar investeerders handelen in manieren om geld op te halen voor het bedrijfsleven. De aandelenbeurs is een kapitaalmarkt, net als beurzen voor overheidsleningen of obligaties. Nu is het nog zo dat de 27 lidstaten allemaal hun eigen regels en kapitaalmarkten hebben, waardoor het voor een Franse ondernemer ingewikkeld is om een aandeel in een Litouwse munitiefabriek te verkrijgen. Al sinds 2015 zijn er ruim 50 voorstellen gesneuveld om de kapitaalmarkten tot een unie te maken. De tanende concurrentiekracht van Europa lijkt een uitstekend voorwendsel om eindelijk het geld over de Europese grenzen te laten vloeien.
Dat dit voorheen niet lukte, komt deels door spanningen binnen de Unie. Al sinds de eerste dagen van de EEG is er gesteggel tussen de zuinige en minder zuinige lidstaten. Er wordt daarom gespeculeerd over varianten waarbij vooral de machtige West-Europese landen een kapitaalunie vormen. Het zou overige Europese landen buitensluiten, die vaak worden geportretteerd als een blok aan het been bij het lokken van investeerders. Voormalig ASML-topman Peter Wennink plaatst in dit kader een kanttekening bij een Unie-brede kapitaalmarkt waarmee hij zijn eigen sectoren voortrekt: “Wel moeten er bij zo'n unie strikte voorwaarden komen,” vindt Wennink. “Bijvoorbeeld dat de middelen in een speciaal vehikel terechtkomen waar uitsluitend innovatie en defensie van worden gefinancierd. Ze mogen niet worden gebruikt om pakweg de Franse pensioenen te betalen, want dat is water naar de zee dragen.”2
Europese ministeries van Financiën onderstrepen de boodschap voor een kapitaalmarktunie ook in het licht van een mogelijke handelsoorlog met de VS. De Belgische minister van Financiën riep op om vaart te maken met de plannen na de inauguratie van president Trump. Trump dreigt met handelsbeperkingen en importtarieven die het Europese concurrentievermogen nog verder aantasten. Daarom stelde Vincent van Peteghem: “In plaats van een handelsoorlog te beginnen, zou de EU haar concurrentievermogen moeten vergroten en kapitaalmarkten moeten ontwikkelen.”3
Minder sparen, meer investeren
De huidige president van de Europese Centrale Bank (ECB), Christine Lagarde, probeert de spaarzame Europese investeerder in The Economist te overtuigen om zijn spaargeld te laten rollen in een verenigde kapitaalmarkt. Lagarde stelt in haar betoog drie duidelijke adviezen, die onvermijdelijk terug zullen keren in de nieuwe beleidsnota van de EC.
Als eerste constateert ze dat Europeanen veel meer sparen dan Amerikanen. Hierdoor blijft 8000 miljard euro niet geïnvesteerd in Europa. Met een kapitaalmarktunie zouden Griekse, Deense of Tsjechische kapitalisten in alle lidstaten het spaargeld van de Europese arbeidersklasse uit kunnen geven. Haar tweede punt gaat over het verenigen van zogeheten Central Security Depository’s, of CSD’s. Nu is het nog zo dat aandelen en obligaties op afzonderlijke plekken worden bewaard. Lagarde streeft naar het model van de Verenigde Staten, waarbij dit één CSD wordt. Sommige landen binnen de EU verbieden de aankoop van aandelen in controversiële bedrijven met bijvoorbeeld banden in de wapen- of oliehandel, maar dit soort barrières zouden hiermee verdwijnen.
Het belangrijkste punt uit het betoog van Christine is dat een gemeenschappelijke kapitaalmarktunie het aantrekken van meer privaat kapitaal mogelijk maakt; van binnen en van buiten de EU. Een gezamenlijke kapitaalmarkt zou veel meer ruimte geven aan private equity-fondsen. Deze fondsen zijn een alternatief voor financiering aan bedrijven door middel van subsidies, bankleningen, aandelen of obligaties. Schatrijke particulieren van over de hele wereld bundelen hun middelen in private equity-fondsen. Daarmee investeren ze in de regel in niet-beursgenoteerde bedrijven, waar ze extreme rendementen op willen behalen.
Bij grote, rijpe ondernemingen worden de winsten van het investerende fonds betaald door lagere inkoopprijzen voor leveranciers, hogere prijzen voor consumenten, verschraling van diensten, reorganisaties en massaontslagen. Tegelijkertijd investeren veel van dit soort fondsen hun kapitaal in startups met moordende concurrentie: deze vorm van private equity noemt men durf- of risicokapitaal. De leveranciers van grote beursgenoteerde bedrijven kunnen ook in handen zijn van private equity-fondsen, zoals een steeds groter deel van de ruim 600 toeleveranciers van ASML.4
Kapitaalinjectie
Banken zijn traditioneel de geldschieters van nieuwe economische bedrijvigheid. Isabelle Mateos y Lago, hoofdeconoom van de grootste Europese bank, BNP Paribas, geeft in een interview een kijkje in het Europese bankwezen na 2008. Zij noemt dat Europese banken door trauma’s aan de beurskrach erg huiverig zijn met geld verstrekken aan willekeurige ondernemers. De bankencrisis heeft gezorgd voor veel meer controle en hogere kapitaalvereisten; “Het mandaat van financiële toezichthouders is stabiliteit, niet groei of concurrentiekracht. Dus als je ze daarop wijst, zeggen ze, zelfs als ze het begrijpen: dat is niet waar ik op afgerekend word.”5 Als de EU moet concurreren met machtsblokken die non-bancaire financiering juist stimuleren, zal het verschil in economische activiteit na verloop van tijd opvallen. Het is niet voor niets dat de voorstanders van private equity de aanval inzetten op de banken. Zij verkondigen dat de renteopbrengsten van beheerd geld in banken veel lager liggen dan de rendementen van private investeringsfondsen.
Met meer durfkapitaal kan het Europese bedrijfsleven de grote investeringen aantrekken die het nodig heeft om mee te doen op het wereldtoneel. Zodra een bedrijf met financiering van private equity niet waarmaakt wat het belooft, zoals het Britse waterbedrijf Thames Water, zijn de gevolgen van een vervuilde watervoorziening voor de samenleving.6 En hoewel Groot-Brittannië net buiten de EU ligt, sijpelt private equity ook al door in de Nederlandse economie. Het Britse OV-bedrijf Arriva Group is in 2023 door eigenaar Deutsche Bahn verkocht aan de Amerikaanse investeringsmaatschappij I Squared Capital. Dit gebeurde om geld op te halen voor de elektrificatie van de busdiensten, iets waar DB geen middelen voor had.
I Squared Capital is actief in 82 bedrijven in 71 landen. Wat neerkomt op het feit dat een regionale trein- en busvervoerder in Groningen, Drenthe, Overijssel, Noord-Brabant en Limburg in handen is van een investeringsfonds uit Miami. De kapitaalinjectie resulteerde in oktober 2024 in een order voor 157 elektrische bussen bij VDL. Helaas weten we nog niet wat deze uitbreiding van productiemiddelen betekent voor het personeel en de dienstregeling. Desondanks geeft Thames Water ons een mooi voorproefje met bovenwettelijke dumpingen van rioolafval of waterkosten die stegen met 59%.7
Zakenfederaties
Hoewel de Europese Commissie de plannen als haar eigen beleid communiceert, komen de ideeën logischerwijs uit de koker van het bedrijfsleven. De drie grootste spelers in de EU zijn Duitsland, Frankrijk en Italië. Om de beleidsagenda van de burgerij te vertolken hebben de kapitalisten van deze landen zich verenigd in zogeheten ‘zakenfederaties’: respectievelijk Bundesverband der Deutschen Industrie (BDI), Mouvement des Entreprises de France (MEDEF) en Confindustria (vergelijkbaar met onze werkgeversorganisatie VNO-NCW).
Tijdens de meest recente conferentie van november 2024, waren ook zij eensgezind over de problemen van de Europese economie. Vergeleken met de Verenigde Staten is de groei te laag, blijft de innovatie achter, zijn de energieprijzen te hoog en is de wetgeving belemmerend. Zij steunen daarom de zoektocht naar de 800 miljard euro, en een verenigde kapitaalmarkt met durfkapitaalfinanciering krijgt van hen de voorkeur als investeringsvehikel. De Europese grootburgerij kijkt watertandend naar de prestaties van hun Amerikaanse collega’s, zoals valt te lezen in hun oproep:
“De VS opereert als een enkele kapitaalmarkt; de EU niet. Bijgevolg is de totale waarde van alle bedrijven op de Europese aandelenmarkten slechts de helft van die in de VS als percentage van het BBP; Amerikaanse burgers investeren drie keer meer in aandelen dan EU-burgers; durfkapitaalfinanciering haalde $ 130 miljard op in Europa van 2013 tot 2023, vergeleken met $ 942 miljard in de VS; Europa heeft de afgelopen vijftig jaar geen enkel bedrijf van € 100 miljard opgericht, terwijl de VS zes bedrijven heeft geproduceerd die elk meer dan € 1 biljoen waard zijn.”
De zakenfederaties krijgen bijval van het Internationaal Monetair Fonds (IMF). Ook zij wijzen in hun analyse van de Europese industriële crisis naar de mogelijkheid om kapitaal los te maken. Het IMF kijkt vooral naar partijen met enorme publieke spaartegoeden, zoals pensioenfondsen en verzekeraars. Op het moment zien deze grote investeerders door de lappendeken van Europese wetten nog weinig in hun geld lukraak uitlenen aan risicovolle industrieën zoals onethische geneeskunde, ai of defensie. Het IMF stelt echter dat “het wegnemen van grensoverschrijdende financiële fricties voor pensioenfondsen en verzekeraars die investeren in durfkapitaal, de geldstroom naar veelbelovende startups [kan] vergroten en de productiviteitswinst [kan] aanjagen.”8 Pensioenfondsen en verzekeraars zijn weliswaar geen particulieren, maar vooral sinds de beurskrach sluiten ze steeds vaker aan als stille vennoot in private equity-fondsen. Door hun braakliggende kapitaal wil de EC juist het taboe wegnemen dat publieke ondernemingen, die draaien op sociale zekerheid en premiegelden, investeren in private equity.
Defensie B.V.
Een reden waarom de kapitaalmarktunie nu in het bijzonder wordt genoemd heeft te maken met het vergaren van geld voor de militaire industrie. Binnen de hoge kringen van het Europese financierskapitaal spreekt men steeds vaker over de entree van private investeerders als het aankomt op uitbreidingen van het leger. De Brusselse NGO Finance Watch becijferde dat een Europese kapitaalmarktunie goed kan zijn voor meer dan een derde van de financieringsbehoeftes. Emmanuel Macron stelde in dit kader: “De financiële spelregels in Europa zijn vandaag de dag niet langer toereikend, want als we kijken naar defensie en veiligheid, kunstmatige intelligentie, de decarbonisatie van onze economieën en schone technologie, dan lopen we tegen een muur aan.”9 Oud-secretaris-generaal van de NAVO, Jaap de Hoop Scheffer, noemde niet voor niets: “Ik zie niet hoe je de Europese defensie-ambities allemaal uit publieke middelen kan financieren. Je moet privaat kapitaal aanboren..."10
Zoals u in deze krant heeft kunnen lezen, hebben veel Europese landen de zinnen gezet op een aanzienlijke uitbreiding van het militaire apparaat. Het is onvermijdelijk dat de NAVO-leden veel meer dan 2 procent van hun BBP aan defensie gaan spenderen. Ondanks deze druk hebben niet alle landen genoeg beweegruimte om bij te lenen voor dit soort uitgaven. Dit komt bijvoorbeeld door een slechte kredietwaardigheid of kredietverstrekkers die niet happig zijn om de risico’s van de oorlogsindustrie mede te dragen, zoals de pensioenfondsen voorheen altijd opperden. Ook hier kunnen welwillende, anonieme investeerders het benodigde zetje geven. Maar zoals we hebben gezien bij de private equity-fondsen, zullen zij een hoop eisen bij het terugverdienen van hun investeringen. En in deze sector kan alleen een oorlog echt rendement garanderen.
Conclusie
De Europese Commissie grijpt de industriële crisis aan om de kapitaalmarkten te verdiepen. De voorzichtigheid die na de financiële crisis – of misschien de schijn daarvan – wordt nu afgedaan. Dit doet de Commissie uiteraard niet op eigen initiatief. De EC wordt uiteindelijk aangestuurd door de burgerlijke klasse die pleit voor een Amerikaanse investeringscultuur. Het valt niet te ontkennen dat de mogelijkheden voor kapitaalaccumulatie in de Verenigde Staten veel uitgebreider zijn dan die in Europa. Maar men vergeet gemakkelijk (of noemt bewust niet) dat de Europeanen hiervoor een sterke publieke sector terugkrijgen.
Een kapitaalmarktunie tast juist die sociale fundamenten en de financiële voorzichtigheid aan. In plaats daarvoor worden onze noodlijdende diensten niet gered, maar doorverkocht aan fondsen die de moordlustige concurrentiedrift nog veel hoger in het vaandel hebben dan de banken. Daarmee offeren we onze laatste pilaren van universeel toegankelijke diensten op. Zorgsystemen, openbaar vervoerders en infrastructuur gaan ten onder aan economische groei op de korte termijn en de aanverwante herbewapening.
Onder het socialisme zullen dergelijke afbraakprocessen onmogelijk zijn. Het sociale nut van goederen en diensten zal de besteding van onze arbeidskracht bepalen. De groei van de samenleving zal niet afhangen van internationale concurrentie, maar van de gemeenschappelijke behoeftes van alle werkende mensen. Particulieren die speculeren met noodlijdende voorzieningen zullen tot het verleden behoren. De georganiseerde arbeidersmacht zal alle organisatorische macht van het maatschappelijk bezit van productiemiddelen gebruiken om dergelijke invloeden de kop in te drukken. Economische uitdagingen kunnen niet opgelost worden met de chantage van het privébezit. Tegenover de uitbuiting, expansiedrift en saneringsplannen van de burgerij, plaatst het socialisme-communisme de gezamenlijke inspanning van arbeiders die als geen ander hun vak verstaan.
- Graeme Wearden, “Davos day four: ‘Too much pessimism’ about European economy, which needs boost of US confidence, WEF hears – as it happened,” The Guardian, 24-01-2025.
- Samuel Hanegrees, “Voormalig ASML-topman Wennink: ‘Mantra van unanimiteit in EU houdt innovatie tegen’,” BNR, 03-012-2024.
- Jan Strupczewski, “EU ministers see Trump as wake-up call to fix economy,” Reuters, 20-01-2025.
- Gijs den Brinker, Bert van Dijk “Private equity stort zich op toeleveranciers van ASML,” FD, 26-07-2025.
- Marcel de Boer, “Hoofdeconoom BNP Paribas: ‘Kom gewoon met een pan-Europees regime voor bedrijven’,” FD, 12-01-2025.
- Anna Cooban, “‘Uninvestable’: Britain’s biggest water company left in the lurch by shareholders,” CNN, 28-03-2024.
- Sandra Laville, “Rise in sewage pollution from Thames Water’s ageing treatment works,” The Guardian, 09-08-2024.
- Nathaniel Arnold, Guillaume Claveres, Jan Frie, “Europe Can Better Support Venture Capital to Boost Growth and Productivity,” IMF, 15-07-2024.
- Carlo Martuscelli, Kathryn Carlson and Hanne Cokelaere, “Europe’s €10 trillion gamble,” Politico, 29-07-2024.
- Kysia Hekster, “'Gezamenlijk lenen EU voor defensie onvermijdelijk', maar Nederland fel tegen,” NOS, 22-01-2025.
Wil je een abonnement op Manifest?
Met jullie hulp garanderen we een communistische visie op de actualiteit in Nederland
Manifest is de krant van de NCPN die maandelijks verschijnt. Met Manifest blijf je op de hoogte van de actualiteit en van onze acties. Manifest belicht verschillende aspecten van de strijd in binnen- en buitenland, en publiceert analyses die inzicht bieden in de nationale en internationale ontwikkelingen vanuit een marxistisch-leninistisch perspectief. Neem nu een abonnement op Manifest of vraag een gratis proefabonnement aan.
Abonneer Nu!