Skip navigation
Kunst & Cultuur

Kinderen het theater in, kapitalisten eruit!

Dit artikel verscheen in de editie van Manifest van dinsdag 7 juli 2026

Foto: Thomas Quine / CC BY 2.0

Jaren van stagnatie en zelfs afname van jonge bezoekers aan het theater lijken eindelijk een halt toegeroepen te zijn. Het aantal kinderen dat sinds kort het theater bezoekt, is zelfs bijna verdubbeld. Veel schouwburgen en theaterzalen zijn tot het inzicht gekomen dat kinderen gratis naar voorstellingen moeten kunnen gaan, om de theatrale armoede bij de jeugd te bestrijden. Het werkt, het is een succes en iedereen, vooral de kinderen, is blij. Behalve de kapitalisten; zij vinden het ‘oneerlijk’…

Stichtingen, fondsen en natuurlijk de schouwburgen zelf sloegen de handen ineen voor de oprichting van het jeugdfonds Goed voor elkaar. Het fonds was dan ook broodnodig: kinderen gingen voor de COVID-pandemie al steeds minder naar het theater; ook decennia aan bezuinigingen, inflatie en oplopende prijzen zorgden voor veel lege stoelen.

Theater De Maaspoort te Venlo kwam met het idee om enkele voorstellingen gratis aan te bieden aan iedereen onder de 18 jaar. Het succes was zo groot dat meerdere theaters door het hele land volgden. Om het welslagen in cijfers uit te drukken: in het theaterseizoen van 2018/2019 bezochten zo’n 5.000 mensen de jeugdvoorstellingen. In 2024/2025, met de introductie van vrijkaarten voor de jeugd, werd dat 23.000 bezoekers, waarvan 14.000 kinderen. Ook lege stoelen werden vergoed door het fonds, zodat de makers er niet onder zouden lijden.

Steeds meer deelnemende theaters beperkten zich niet tot enkele voorstellingen, maar stelden alle jeugdvoorstellingen vrij, zodat er wat te kiezen bleef. Volwassenen betalen echter nog de volle prijs, want de grenzen van een burgerlijke maatschappij zijn hiermee natuurlijk wel bereikt. Sterker nog, de grenzen zijn voor sommigen al overschreden.

De Vereniging Vrije Theaterproducenten (VVTP), waarin de meeste theaterproducenten zijn verenigd en waar de grote commerciële bedrijven met de scepter zwaaien, vindt het idee ‘oneerlijk’. Zij spreken van ‘oneerlijke concurrentie’ en zijn bang dat hun (peperdure) kaartverkoop zal afnemen door het Goed voor elkaar-initiatief. De grote, ‘vrije’ theaterbedrijven zijn hierin vermoeiend hypocriet: zij zijn immers zelf verantwoordelijk voor oneerlijke concurrentie, door met hun enorme producties kleinere theatermakers weinig plek te gunnen op de markt. De VVTP gaat nu zo ver dat ze het initiatief boycotten, waardoor duizenden kinderen hun theaterbezoek kunnen worden afgepakt. De belangen van de kapitalisten gaan natuurlijk altijd voor, ook voor die van kinderen.

Conclusie? Goed bedoelde en goed werkende initiatieven worden in het kapitalisme tenietgedaan door kapitalistische belangen en het dogma van de ‘vrije’ markt. Niks nieuws hier en dus einde van dit artikel. Of toch niet?

Dit zou geen communistisch artikel zijn, als we niet heel even terugblikken naar het socialisme en zijn revolutie: de grote proletarische Oktoberrevolutie van 1917.

Je zou het onze bolsjewistische kameraden van toen heel goed kunnen vergeven als zij, tussen 1917 en 1918, wel iets anders aan hun hoofd hadden dan het opzetten van de eerste jeugdtheatergroepen ter wereld. Al zou je dan wel voorbijgaan aan het ongelooflijk progressieve, humanistische en alomvattende karakter van diezelfde revolutie. Want al in de eerste maanden van de revolutie zagen de eerste theatergezelschappen voor de jeugd het licht en vanaf 1920 openden de eerste jeugdtheaters en jeugdtheaterscholen de deuren in Leningrad, Kiev en Moskou.

Volkscommissaris van Onderwijs, Voorlichting en Wetenschappen, Anatoli Loenatsjarski, richtte in januari 1918 een speciaal departement op voor theater, met jeugdtheater als onderafdeling. Dit deed hij om de groei van jeugdtheatergroepen door communisten beter te kunnen organiseren. Vóór 1917 gingen kinderen wel naar het theater, maar alleen die van de adellijke en burgerlijke milieus en dan alleen naar voorstellingen voor volwassenen. De insteek was dan ook niet om iets te ‘leren’, maar om te wennen aan ‘vermaak’ voor de hogere kringen van de maatschappij.

De Sovjets zagen in dat hun kinderen, van arbeiders en kleine boeren, veel konden leren van theater. Ontwikkelingen op het gebied van inlevingsvermogen, taal, samenspel, culturele achtergronden, historisch en revolutionair bewustzijn, werden allemaal gezien als aspecten waar het theater aan kan bijdragen. Vanuit de eerste experimentele fase van het kindertheater groeide professioneel en geschoold theater voor kinderen van alle leeftijden en was altijd revolutionair in de brede zin van het woord.

Terugkomend op het laffe verzet van huidige kapitalisten tegen een niet-revolutionair initiatief waarin kinderen gratis het theater binnen mogen, staat dit natuurlijk wel in schril contrast met de kindertheaterbeweging van de bolsjewieken. Het vertelt veel over wat strijden voor socialisme-communisme kan doen voor de ontwikkeling van de jeugd, maar ook over de onhoudbaarheid van het huidige kapitalisme in zijn imperialistische stadium. De burgerij heeft niet de wilsbereidheid, noch komt het in hen op, om het theater te openen voor alle kinderen. Ons staat enkel te doen: gooi de kapitalisten eruit, ook uit het theater, en laat alle kinderen binnen!

Wil je een abonnement op Manifest?

Met jullie hulp garanderen we een communistische visie op de actualiteit in Nederland

Manifest is de krant van de NCPN die maandelijks verschijnt. Met Manifest blijf je op de hoogte van de actualiteit en van onze acties. Manifest belicht verschillende aspecten van de strijd in binnen- en buitenland, en publiceert analyses die inzicht bieden in de nationale en internationale ontwikkelingen vanuit een marxistisch-leninistisch perspectief. Neem nu een abonnement op Manifest of vraag een gratis proefabonnement aan.

Abonneer Nu!