Skip navigation
Strategie

Over de Europese verkiezingen, de opkomst van extreemrechts en de ‘Volksfronten’

Dit artikel verscheen in de editie van Manifest van dinsdag 2 juli 2024

Foto: Pascal Rey / Flickr (CC BY-NC-SA 2.0)

Na de uitslag van de verkiezingen voor het Europees Parlement is de stoelendans begonnen voor de topposities in de EU. Er is veel gesproken over de opkomst van extreemrechts. In Frankrijk ontbond president Macron het nationale parlement na de forse stijging van het extreemrechtse Front National in de Europese verkiezingen, en worden nu oproepen gedaan voor een ‘Nieuw Volksfront’.

Stoelendans op de melodie van wapengekletter

Sinds de uitslag zijn de Europese fracties nog druk bezig zich opnieuw samen te stellen. Zo hebben de nieuw verkozen Europarlementariërs van BBB en NSC zich aangesloten bij de groep van de Europese Volkspartij (EPP), waar het CDA reeds lid van is. Volt heeft zich aangesloten bij de Groene fractie, waar GroenLinks lid van is. De PvdA zit bij de sociaaldemocratische S&D fractie, die samen met de liberale groep Renew (VVD en D66) en de conservatieve EPP de meerderheid hebben in het Europees Parlement, maar regelmatig steun vinden bij de groenen, de zogenaamd Linkse fractie en heel vaak ook bij extreemrechts.

De topposities worden verdeeld. Het ziet er naar uit dat er een belangrijke rol is voor de conservatieve Von der Leyen die haar voorzitterschap van de Europese Commissie lijkt voort te zetten, de sociaaldemocraat Costa als voorzitter van de Europese Raad en liberaal Kallas als hoogste EU-buitenlandgezant. De extreemrechtse fractie van onder andere Meloni geeft aan zich benadeeld te voelen in deze verdeling.

Maar belangrijker dan deze stoelendans is dat op de achtergrond de strategische agenda voor 2024-2029 wordt vormgegeven. Er wordt steeds openlijker gesproken over de overgang naar een ‘oorlogseconomie’. Een zeer gevaarlijke ontwikkeling voor de arbeidersklasse.

Komende tijd zullen we terugkomen op de ontwikkelingen in de EU. Laten we voor nu nader kijken naar de verkiezingsuitslag, en in het bijzonder het aantal mensen dat niet is gaan stemmen, de opkomst van extreemrechts, en het ontstaan van het ‘Nieuwe Volksfront’ in Frankrijk.

De grote winnaar van de verkiezingen

In veel landen wisten extreemrechtse partijen hun zetels te behouden of uit te breiden. In Nederland won GroenLinks-PvdA de meeste zetels, gevolgd door de PVV. De grootste winnaar van de verkiezingen met 49 procent was echter niet extreemrechts en ook niet de sociaaldemocratie. 49 procent is namelijk niet gaan stemmen.

De uitslag van de Europese verkiezingen weerspiegelt in de eerste plaats het ongenoegen van brede lagen van de bevolking over de EU en het beleid dat de afgelopen jaren is gevoerd. Er is vooral gestemd tegen partijen die het voortouw nemen in de uitvoering van het afbraakbeleid van de EU, zoals de miljardensteun aan de imperialistische oorlog in Oekraïne in concurrentie met Rusland of het beleid van de zogenaamde groene transitie (die allesbehalve ‘groen’ is), waarvan de Europese bevolking de gevolgen duur betaalt. Grote delen van de bevolking hebben, terecht, geen vertrouwen in het burgerlijke politieke systeem, de politieke partijen die dat systeem dienen, en de EU en haar instituties zoals het Europarlement.

Vooralsnog drukt die onvrede zich uit in niet gaan stemmen of stemmen op (extreemrechtse) partijen die zich voordoen als ‘tegen de EU’ en ‘tegen het systeem’, terwijl ze juist dit systeem dienen. Overal waar zulke partijen aan de macht komen blijken ze prima in staat om de belangen van het kapitaal te dienen en de inkomens en rechten van de bevolking verder af te breken. Wij moeten er dan ook voor strijden dat de onvrede wordt omgezet in klassenbewustzijn en zich gaat uiten in versterking van de beweging en de communistische partijen in Europa.

De lage opkomst hield ook burgerlijke politici bezig. Hoe hypocriet, aangezien ze zelf dag in dag uit alles uit de kast halen om de deelname van de arbeidersklasse en middenlagen aan de politiek, de strijd en de beweging te saboteren. Ze creëren wetten die vakbondsactiviteit beperken. Ze proberen vakbonden en massaorganisaties om te vormen van strijdorganisaties tot lobbyclubs. Als studenten een politiek statement maken, zoals met vredige acties in solidariteit met Palestina, wordt de ME erop afgestuurd. Politieke activiteit wordt zo ontmoedigd. Als de burgerlijke politici één keer in de vier of vijf jaar een vrijbrief van het volk willen voor hun afbraakbeleid, vragen ze zich af waarom mensen toch niet komen stemmen en zich niet interesseren in de politiek…

De opkomst van extreemrechts

Enfin, veel mensen maken zich terecht zorgen om de resultaten van extreemrechtse, nationalistische, reactionaire en fascistoïde partijen in een reeks landen. Zoals in Frankrijk, waar Rassemblement National met 31 procent veruit de grootste werd. Overigens was die partij bij de vorige verkiezingen voor het Europarlement in 2019 ook al de grootste. Als we op Europees niveau kijken, dan er is er wel sprake van een bescheiden groei van extreemrechts, maar dit is eigenlijk geen nieuwe ontwikkeling. Het is een trend die al jaren doorzet.

Opvallend is dat de liberalen, sociaaldemocraten en conservatieven zich bij deze verkiezingen steeds bezig hebben gehouden met het gevaar van extreemrechts. Ze hebben het over het verdedigen van de ‘Europese waarden’ tegenover extreemrechts.

Het zijn deze partijen die van de daken schreeuwden hoe gevaarlijk Meloni is, en nu niets anders doen dan samen met Meloni optrekken. Partijen zoals de liberale VVD, die samen met de extreemrechtse PVV regeert. Partijen zoals de zogenaamd ‘linkse’ Syriza uit Griekenland, die jarenlang regeerde samen met de extreemrechtse Anel. Allemaal partijen die op deze manier dus extreemrechtse standpunten en organisaties normaliseren. Dat doen ze niet alleen door samen met extreemrechts te regeren, maar vooral ook door zelf reactionaire politiek te voeren.

Afbraak van publieke voorzieningen, rechten en inkomens. Inperken van vakbondsrechten en politieke rechten. Inzet van ME tegen vreedzame protesten (zoals Macron die zelfs gepantserde voertuigen inzette). Reactionaire wetgeving op asiel en migratie, waarbij het recht op asiel bij het grof vuil wordt gezet, zoals met het recent door de EU vastgestelde Asiel en Migratiepact. Toepassing van etnisch profileren en andere vormen van discriminatie. Deelname aan imperialistische oorlogen en interventies. De lijst gaat door.

Dit is de politiek die de conservatieve, liberale en sociaaldemocratische partijen hebben gevoerd, en ze gebruiken extreemrechts als boeman om hun eigen reactionaire politiek door te voeren, die ze verhullen onder een ‘progressief’ sausje van de ‘Europese waarden’.

Met andere woorden, er is een reactionaire tendens in de politiek. Die uit zich zeker in de opkomst van extreemrechts. Maar die uit zich óók in het beleid dat de liberale, conservatieve en sociaaldemocratische partijen voeren en de posities die ze innemen. De reactionaire trend, de constante achteruitgang, is niet de foute keuze van de ene of andere politieke partij, of de ene of andere politieke stroming. Het kenmerkt de gehele burgerlijke politiek. Het is een resultaat van de toenemende tegenstellingen van het kapitalisme, evenals de toenemende internationale concurrentie en conflicten van het imperialisme. Met dit in het achterhoofd moeten we ons afvragen: wat is het antwoord op extreemrechts? Hoe kunnen we extreemrechts een halt toeroepen?

‘Nieuw volksfront’

In Frankrijk ontbond Macron na de Europese verkiezingen het parlement en zullen binnenkort parlementaire verkiezingen plaatsvinden. Verschillende partijen verkondigen dat ze samen de verkiezingen in zullen gaan als ‘Nieuw Volksfront’, waarbij ze verwijzen naar de heldhaftige antifascistische strijd in aanloop naar en tijdens de Tweede Wereldoorlog.

Maar in werkelijkheid is dit niet ‘nieuw’ en ook geen ‘volksfront’. Het is geen volksfront omdat het een samenwerkingsverband van politieke partijen betreft. En het is niet nieuw omdat dezelfde partijen bij de laatste parlementsverkiezingen ook al samen optrokken, maar dan onder een andere naam. Ook toen weer uit naam van de strijd tegen extreemrechts, waarbij ze als tweede eindigden. In tweede ronde van de laatste presidentsverkiezingen steunden deze ‘linkse’ partijen Macron tegen Le Pen.

Welke partijen dit zijn? De sociaaldemocratische Socialistische Partij, en de opportunistische partij La France insoumise van Melanchon en de PCF. De PCF is een partij die alleen in naam nog iets met communisme te maken heeft. Het is een partij die al decennia het marxisme-leninisme heeft afgezworen en twaalf jaar geleden de hamer en sikkel uit het logo haalde, als kers op de taart van een lange ontwikkeling waarin de partij is gesociaaldemocratiseerd.

Wat zijn de posities van dit ‘nieuw volksfront’? Allereerst: wapens naar Oekraïne. Sterker nog, ze uiten kritiek op Macron dat de wapenleveranties niet snel genoeg gaan. Ze vinden dat de pensioenwet die Macron via de achterdeur doorvoerde moet worden ‘heroverwogen’, terwijl ze het in de tijd dat die wet werd doorgevoerd nog hadden over dat Macron een coup pleegde. Bij dit nieuw volksfront hoort ook een voormalig president van Frankrijk die cao’s aan banden legde, en die arbeidsrechten en publieke voorzieningen afbrak.

Met andere woorden, deze zogenaamd ‘linkse’ partijen zijn in wezen sponsors voor zowel Macron als extreemrechts. Ze steunden Macron zodat Le Pen niet zou komen. En doordat ze vanuit regeringsposities (en ook vanuit de oppositie) het afbraakbeleid van de EU hebben toegepast en gesteund, en zelfs als progressief hebben bestempeld, hebben ze ervoor gezorgd dat Le Pen en Bardella zich kunnen voordoen als ‘de stem van het volk’ die zich ‘verzet tegen het systeem’.

Zulke volksfronten zijn de afgelopen decennia vaak gevormd, en elke keer wordt extreemrechts alleen maar groter. De hoop en de kracht in de strijd tegen extreemrechts ligt niet bij zulke neppe volksfronten, maar in de hergroepering van de arbeidersbeweging in een richting van strijd tegen het systeem en tegen de EU; en niet de staartpolitiek die de arbeidersbeweging achter de belangen van de bourgeoisie schaart. De hoop en kracht ligt in versterking van de communistische beweging en de internationale solidariteit!

Wil je een abonnement op Manifest?

Met jullie hulp garanderen we een communistische visie op de actualiteit in Nederland

Manifest is de krant van de NCPN die tien keer per jaar verschijnt. Met Manifest blijf je op de hoogte van de actualiteit en van onze acties. Manifest belicht verschillende aspecten van de strijd in binnen- en buitenland, en publiceert analyses die inzicht bieden in de nationale en internationale ontwikkelingen vanuit een marxistisch-leninistisch perspectief. Neem nu een abonnement op Manifest of vraag een gratis proefabonnement aan.

Abonneer Nu!