Zoals elk jaar is het op de derde dinsdag van september weer tijd voor Prinsjesdag, het moment waarop de regering de begroting voor volgend jaar presenteert. Anders dan voorgaande jaren is er veel debat rondom Prinsjesdag. Zowel sommige coalitie- als oppositiepartijen, en ook veel burgerlijke media, presenteren deze Prinsjesdag als de belangrijkste in tijden. Wat is hier aan de hand?
Allereerst mag worden vastgesteld dat een aanloop vol met ruzie niet per se iets nieuws is voor Prinsjesdag. Als we kijken naar de voorgaande vijf edities, dan kunnen we zien dat er drie keer (2021, 2023, 2025) een Prinsjesdag met een demissionair kabinet was. Dat leverde een ‘lichte’ begroting op, waarin dus nauwelijks controversiële politieke besluiten werden genomen, waardoor er minder aanleiding tot ruzie was. In de twee andere jaren was er wél sprake van een ruziënd kabinet, in 2022 met Rutte IV en met name in 2024 met Schoof I, waar sommige critici spraken van een ‘kwartetkabinet’ om te benadrukken hoe ver de partijen uit elkaar lagen.
Premier Jetten bezweert tegenover de pers “Er is geen crisis” en stelt zelfs dat, als er geen “geknetter” was, de coalitiepartijen “geen knip voor de neus” waard zouden zijn. Een beetje ruzie is gezond, blijkbaar. Aan de andere kant is daar voormalig VVD-politicus Halbe Zijlstra die beweert dat de kans “Fifty-fifty” is dat het kabinet over de begrotingsperikelen zal vallen.
Wat sowieso nieuw is dit jaar, is het feit dat het hier een minderheidskabinet betreft. In grote lijnen heeft het kabinet drie keuzes. De eerste is een begroting ‘over links’ smeden, aangezien PRO staat te popelen om in ruil voor wat kruimeltjes het afbraakbeleid van Kabinet-Jetten te steunen. De tweede optie is ‘over rechts’, met JA21 en nog zeker een andere partij. De derde keuze is de begroting voor te leggen zonder vooraf gegeven instemming van oppositiepartijen, in de hoop dat die ‘in het landsbelang’ (lees: voor de belangen van de heersende klasse) de begroting vervolgens niet wegstemmen.
Politiek toneelspel
Deze parlementaire puzzel en het geruzie over welke optie het kabinet kiest dient eigenlijk vooral als een politiek toneelspel dat moet verhullen dat het allemaal één pot nat is. Want de beschikbaarheid van al deze opties toont aan dat het afbraakbeleid en de oorlogspolitiek kunnen rekenen op brede steun van de zogenaamde ‘oppositie’, zowel uit sociaaldemocratische als extreemrechtse hoek. Terwijl partijen zich voor de bühne keren tegen één of twee bezuinigingen, steunen ze de algemene lijn en de strategische doelstellingen van het kapitaal: de arbeidersklasse laten inleveren zodat het kapitaal en de oorlogskas gespekt kunnen worden.
De echte oppositie tegen het afbraakbeleid vinden we dan ook niet in het toneelspel dat de burgerlijke partijen in de Tweede Kamer spelen, maar die komt zoals gebruikelijk van onderop. Begin september staken de havens, de overheid en het openbaar vervoer tegen de 6,8 miljard aan bezuinigingen op de sociale zekerheid. Het is mogelijk dat in de aanloop naar die staking het kabinet toch nog de bezuinigingsplannen afzwakt, in de hoop de bonden weer om de tafel te krijgen. Als de bonden zich niet laten bespelen met zulke trucjes en vervolg geven aan de strijd, kan dat een hele nieuwe realiteit creëren.
Kortom, zoals gewoonlijk is het merendeel van het publieke geruzie niet heel inhoudelijk, maar voornamelijk een stukje theater. Daarmee is niet gezegd dat er helemaal geen inhoudelijke verschillen zijn. Alle partijen zijn het erover eens dat het hun verantwoordelijkheid is om het kapitalisme te managen, het meningsverschil betreft de manier waarop.
Wat er in de aanloop naar Prinsjesdag, op de dag zelf, en vooral erna zal gebeuren, dat blijft in de glazen bol kijken. Maar dat de plannen hoe dan ook funest zullen zijn voor de werkende klasse, dat staat wel al vast. Maar vaststaat ook dat steeds minder mensen dat pikken. In de strijd ontstaan de voorwaarden om het afbraakbeleid een halt toe te roepen.
Wil je een abonnement op Manifest?
Met jullie hulp garanderen we een communistische visie op de actualiteit in Nederland
Manifest is de krant van de NCPN die maandelijks verschijnt. Met Manifest blijf je op de hoogte van de actualiteit en van onze acties. Manifest belicht verschillende aspecten van de strijd in binnen- en buitenland, en publiceert analyses die inzicht bieden in de nationale en internationale ontwikkelingen vanuit een marxistisch-leninistisch perspectief. Neem nu een abonnement op Manifest of vraag een gratis proefabonnement aan.
Abonneer Nu!