Voor de eerste keer in de geschiedenis van de Braziliaanse federale republiek wist een kandidaat die in de eerste ronde van verkiezingen achterstond toch in de tweede ronde te winnen. De overwinning van Lula da Silva heeft echter weinig met zijn beleid te maken, en veel met de massale mobilisaties van studenten en werkers die na de eerste ronde plaats vonden.
Lula III: kan het überhaupt sociaaldemocratisch genoemd worden?
Lula heeft de afgelopen jaren niets verrassends gedaan, althans niet voor degenen die hem kennen. Zijn huidige regering vertegenwoordigt de belangen van een aanzienlijk deel van de Braziliaanse burgerij, net als die van partijgenoot en huidig New Development Bank-president Dilma Rousseff en zijn eigen twee eerdere ambtstermijnen. Terwijl Bolsonaro en zijn bondgenoten zich heel expliciet uitspreken voor de delen van de burgerij die een samenwerking met de VS zoeken, vertegenwoordigt Lula de delen van de burgerij die de samenwerking binnen de BRICS en met de EU willen versterken. Echter pogen Lula en zijn regering steeds meer om ook die tegenstelling binnen de burgerlijke klasse te verzoenen door zich te presenteren als de enige betrouwbare figuur die de bestuurbaarheid (van het kapitalisme) in Brazilië kan garanderen. Op deze manier probeert Lula ook die tegenstelling binnen de burgerlijke klasse te verzoenen en als Lula ergens goed in is, dan is het wel in het effectief verzoenen van fundamentele tegenstellingen. Dat kan niemand hem ontzeggen.
Toch heeft zijn regering, met Geraldo Alckmin als vicepresident (die als gouverneur van São Paulo berucht is vanwege onder andere repressie tegen studenten en stakende docenten, privatiseringen en de geweldadige ontruiming van duizenden families in de wijk van Pinheirinho), weinig positiefs betekent voor de Braziliaanse werkende klasse. Er kan nauwelijks nog van klassenverzoening worden gesproken wanneer de overgrote meerderheid van de bevolking niet eens de kruimels krijgt toegeworpen, terwijl de burgerij miljarden aan winsten incasseert.
Zo zijn er miljardenbezuinigingen doorgevoerd in de sociale zekerheid. De beruchte beperking van de overheidsuitgaven aan sociale voorzieningen, die werd ingevoerd onder de reactionaire president Michel Temer (die op zijn beurt eerder weer vicepresident was onder Dilma Rousseff), kreeg simpelweg een andere naam en bleef grotendeels voortbestaan, tot groot enthousiasme van de Braziliaanse kapitalisten. De beloofde hogere belasting op grote winsten werd vanwege 'negatieve reacties van de markt' sterk afgezwakt. Als beloning voor hun samenwerking schonk de regering bovendien nog eens 230 miljard real, zo’n 38,5 miljard euro, aan grote landeigenaren via het zogenaamde Plano Safra.
Wie het beleid van Lula nauwlettend volgt, kan zich dan ook afvragen of er bij een dergelijk beleid überhaupt nog gesproken kan worden van sociaaldemocratie, laat staan van socialisme, zoals de Arbeiderspartij (PT) ooit beweerde na te streven.
In de aanloop naar de verkiezingen probeerde Lula zijn populariteit op te voeren door bijvoorbeeld online gokmonopolies te verbieden. Waarom hij dit niet in de afgelopen vier jaar had gedaan, maar pas een maand voor de verkiezingen, verklaarde hij met de opmerkelijke bewering dat hij voorheen 'niet wist' hoe schadelijk gokken was voor de armere lagen van de Braziliaanse bevolking. Dat er door gokken in alleen al 2025 maar liefst 62 miljard real of ruim 10 miljard euro het land uit vloeide, bleek kennelijk pas een maand voor de verkiezingen relevant genoeg om in te grijpen.
De eerste ronde van stemmen: historische overwinning van extreemrechts
De terugval in het aantal stemmen voor Lula in regio’s waar hij historisch gezien sterk staat, maakt duidelijk dat een aanzienlijk deel van de Braziliaanse bevolking zijn derde regering afkeurde. Flávio Bolsonaro wist bijna een tweede ronde van stemmingen te voorkomen met zijn overwinning in de eerste ronde, wat tegen de meeste peilingen ging. De tegenvallende prestatie van Lula was echter niet de enige opmerkelijke ontwikkeling van de eerste ronde. De enorme overwinning van extreemrechts op vrijwel alle bestuurlijke en wetgevende niveaus was historisch en zal de komende vier jaar ingrijpende gevolgen hebben voor de Braziliaanse bevolking.
De partij van de Bolsonaro’s is met afstand de grootste partij geworden in beide kamers van het Braziliaanse parlement. Met 24% van de zetels in de Câmara dos Deputados (vergelijkbaar met de Tweede Kamer), 34% van de zetels in de Senaat en zes gouverneursschappen van de 27, heeft de partij haar politieke machtspositie flink versterkt. Samen met andere rechtse en extreemrechtse partijen beschikken reactionaire politieke krachten over 63% van de Senaat, 64% van de Câmara dos Deputados en 55% van alle gouverneursschappen. Ook in de deelstaatparlementen (Assembleias Legislativas) bezetten rechtse partijen ruim 75% van alle zetels. Nooit eerder sinds de terugkeer van de burgerlijke democratie in 1988 is één politieke partij, laat staan een volledige politieke stroming, zo dominant geweest. Dit zijn ontwikkelingen die de Braziliaanse bevolking nog jarenlang zullen blijven achtervolgen.
Deze ontwikkelingen leggen een droevige, maar onvermijdelijke realiteit bloot: ondanks de overwinning van Lula is extreemrechts uitgegroeid tot de onbetwistbare macht binnen de Braziliaanse politiek. Met deze politieke realiteit zal de Braziliaanse bevolking de komende jaren geconfronteerd worden. Deze overwinning van extreemrechts zou echter nooit mogelijk zijn geweest zonder Lula's politiek van gepoogde klassenverzoening en de zwakte van de communistische beweging en de arbeidersbeweging in Brazilië.
De aanloop naar de tweede ronde van stemmen: historische mobilisatie van werkers en studenten
Na de uitslag van de eerste ronde maakte zich terecht een algemeen gevoel van paniek meester van grote delen van het land. Als Flávio Bolsonaro het presidentschap zou veroveren, zou hij vrij spel krijgen om zijn reactionaire politieke programma door te voeren. Zo zou hij belangrijke verworvenheden van de werkende klasse kunnen terugdraaien, waaronder de onlangs bevochten vijfdaagse werkweek (nota bene het resultaat van jarenlange strijd door sociale bewegingen, en geen cadeau van de regering-Lula).
Daarnaast zou hij ingrijpende wijzigingen in de Braziliaanse grondwet kunnen nastreven, waarbij de benoeming van vier nieuwe rechters in het Hooggerechtshof zijn politieke machtspositie aanzienlijk zou versterken. Ook zijn beloften van een 'nauwere samenwerking' (met andere woorden volledige uitlevering) met de Verenigde Staten zouden de nationale soevereiniteit van de Braziliaanse Republiek ernstig in gevaar kunnen brengen.
Het gevoel van angst, paniek en verslagenheid maakte echter al snel plaats voor verzet. Het waren de jongeren, en met name de studenten, die de eerste stap zetten. Een actie op 4 oktober, georganiseerd door studenten van de Universidade Federal Fluminense in Rio de Janeiro, bracht een kleine drieduizend man op de been. Hun doel was om stemmen te winnen voor Lula, maar bovenal om zich te verzetten tegen Bolsonaro en alles wat zijn reactionaire politieke programma vertegenwoordigde. De mobilisaties bleven echter niet tot deze eerste demonstratie beperkt. In de daaropvolgende dagen vonden door het hele land studentenmobilisaties plaats, waarbij jongeren de straat op gingen om hun fundamentele democratische rechten te verdedigen.
De arbeidersbeweging volgde vrijwel onmiddellijk. Dankzij de mobilisatie van de grootste vakcentrales van het land slaagden arbeiders en studenten erin om de electorale strijd te verbinden met de eis van een vijfdaagse werkweek, waarover diezelfde week gestemd zou worden door de senaat. Ondanks dreigementen om de stemming uit te stellen tot na de verkiezingen, wisten de massale mobilisaties de stemming alsnog af te dwingen. De afschaffing van de zogenoemde 6×1-werkweek, zoals deze in Brazilië bekendstaat, werd eindelijk goedgekeurd.
Vanaf dat moment namen de demonstraties, mobilisaties en acties zowel kwalitatief als kwantitatief een enorme vlucht. De sociale bewegingen slaagden erin het aantal gemobiliseerde mensen uit te breiden van duizenden naar miljoenen. Alleen dankzij deze mobilisaties kon Lula de verkiezingen winnen. Alleen door de gezamenlijke strijd van studenten en arbeiders, die de straat op gingen om hun meest fundamentele democratische rechten te verdedigen, werd het mogelijk om extreemrechts electoraal te verslaan. Zelfs mensen die al jaren niet meer hadden gestemd, besloten opnieuw naar de stembus te gaan. Dit zorgde voor de hoogste opkomst in 20 jaar. Deze hernieuwde politieke mobilisatie was echter nauwelijks te danken aan de verkiezingscampagne van Lula of zijn partij. Het was bovenal de strijd van studenten, arbeiders en sociale bewegingen die deze ontwikkeling mogelijk maakte.
Het fascisme is verslagen. Over 4 jaar weer?
In 2022 had Lula het ‘fascisme verslagen’. In 2026 blijkbaar weer. Juist deze retoriek legt het fundamentele probleem rondom de groei van extreemrechts in Brazilië bloot. Er wordt terecht gewezen op de buitenlandse en onrechtmatige inmenging in deze verkiezingen. Grote Amerikaanse techmonopolies zoals Meta, Anthropic en X hebben extreemrechtse politici via hun platforms een enorme impuls gegeven. Tegelijkertijd werden pro-Lula- en andere 'linkse' profielen regelmatig monddood gemaakt. Op de verkiezingsdag zelf hebben particuliere vervoersbedrijven en extreemrechtse burgemeesters, onder meer in São Paulo en Salvador, het openbaar vervoer belemmerd om kiezers te verhinderen hun stem uit te brengen.
De vraag die iedere Braziliaan zich nu zou moeten stellen, is: “Waarom heeft dit allemaal kunnen plaatsvinden, ondanks het feit dat Lula het ‘fascisme’ in 2022 zogenaamd had verslagen? En waarom zou dit over vier jaar niet opnieuw gebeuren?” Deze verkiezingen bewijzen wederom dat de sociaaldemocratie geen uitweg kan bieden aan de arbeidersklasse. Hoewel dit een eenvoudige constatering lijkt, blijft een daadwerkelijk alternatief voor de Braziliaanse werkende klasse voorlopig buiten zicht.
Toch vormen de massamobilisaties van arbeiders en studenten een hoopvolle ontwikkeling. Veel van degenen die op Lula hebben gestemd en tegen Bolsonaro hebben gestreden, koesteren geen illusies over de sociaaldemocratie. Velen van hen beseffen maar al te goed dat de komende vier jaar opnieuw moeilijk zullen worden. Maar zij begrepen ook dat de enige manier om hun onmiddellijke doel te bereiken, namelijk voorkomen dat het land opnieuw in handen zou vallen van de criminele Bolsonaro-familie, was om zelf in actie te komen. Door de straat op te gaan, het gesprek met anderen aan te knopen en, indien nodig, mensen persoonlijk uit hun huizen te halen om hen aan te moedigen voor hun democratische rechten op te komen.
De conclusie die sommige ‘linkse’ politici hieruit trekken, namelijk dat de sociale mediacampagne van enkele bondgenoten van de Lula’s Arbeiderspartij de doorslaggevende rol zou hebben gespeeld in Lula's overwinning, is op zijn zachtst gezegd betreurenswaardig. Daarmee wordt de zelfstandige kracht van de arbeiders- en studentenbeweging volledig onderschat. Als de Braziliaanse verkiezingen van 2026 ons in Nederland en de rest van de wereld één les leren, dan is het wel dat wij onze doelen alleen kunnen bereiken door ons als klasse te organiseren.
Rafael is lid van het Algemeen Bestuur en de Commissie Internationaal van de CJB.
Wil je een abonnement op Manifest?
Met jullie hulp garanderen we een communistische visie op de actualiteit in Nederland
Manifest is de krant van de CPN die maandelijks verschijnt. Met Manifest blijf je op de hoogte van de actualiteit en van onze acties. Manifest belicht verschillende aspecten van de strijd in binnen- en buitenland, en publiceert analyses die inzicht bieden in de nationale en internationale ontwikkelingen vanuit een marxistisch-leninistisch perspectief. Neem nu een abonnement op Manifest of vraag een gratis proefabonnement aan.
Abonneer Nu!