Skip navigation
Arbeidsmigratie

De imperialistische greep op gastarbeid

Dit artikel verscheen in de editie van Manifest van dinsdag 4 juni 2024

Foto: UN Women / CC BY-NC-ND 2.0

Overal waar het kapitalisme de dominante productiewijze is, wordt de arbeidersklasse uitgebuit door de burgerlijke klasse. Toch hebben arbeiders in de meest ontwikkelde imperialistische landen hogere lonen dan hun collega’s in de armste landen. De gastarbeider vormt hierbij een bijzondere brug. Hij werkt in de kern van het monopoliekapitalisme en verdient meer dan zijn collega’s in het thuisland. Ondanks een baan in de meest omvangrijke economieën ter wereld, worden gastarbeiders op een nog grotere schaal uitgebuit dan arbeiders die niet te gast zijn. Dit verschil valt te verklaren door te kijken naar 1) de oorzaak van arbeidsmigratie naar de ontwikkelde economieën, 2) de leef- en werkomstandigheden waar arbeidsmigranten in verkeren en 3) de verschillen tussen allochtone en autochtone arbeiders vanuit de historische benadering van het marxisme-leninisme. Dit artikel werpt een korte blik op hoe kapitalisten zich verrijken over de onderste laag van het niet-Nederlandse proletariaat in Nederland.

Geschiedenis en schaal

Gastarbeid is niet weg te denken uit ontwikkelde kapitalistische economieën. West-Europese kapitalisten halen gastarbeid vooral uit Oost-Europa, terwijl de Verenigde Staten en Canada hun gastarbeiders vooral uit Midden- en Zuid-Amerika halen. Op de grens tussen de VS en Mexico is al jaren een gigantische migratiestroom waarneembaar. Volgens het IMF is deze extreme golf van goedkope arbeidskrachten de hoofdreden voor het verschil tussen de nog groeiende economie van Noord-Amerika en de stagnatie van de Europese economieën.1

Migratiestromen maken het niet alleen makkelijker om werknemers te vinden voor zelfgeschapen personeelstekorten. Een wanhopig reserveleger drukt ook de lonen van de arbeidersklasse als geheel. Economische migratie houdt arbeidskracht goedkoop en garandeert de burgerij grote winsten bovenop de uitbuiting van de autochtone bevolking. Het wegnemen van obstakels voor het aantrekken van goedkope arbeidsmigranten was een hoofdreden voor de oprichting van de Europese Unie. Geografische factoren en politieke verhoudingen maken het voor Europa echter moeilijker om migranten op de Amerikaanse schaal aan te trekken. De EU heeft na de wereldoorlogen nooit de economische aanzuigkracht van de VS kunnen nabootsen.

Dit weerhoudt de West-Europese burgerij er niet van om de uitwisseling van goedkope buitenlandse arbeidskrachten aan te jagen. Toen in 2004 het vrije verkeer van mensen werd gerealiseerd, verwachtte het Centraal Planbureau dat er tussen de 3500 en 10.000 arbeidsmigranten naar Nederland zouden komen. In 2008 waren dit er al 25.000, en in het heetst van de recessie in 2010 sprong het naar meer dan 100.000 gastarbeiders per jaar.2 Voor Nederland zijn er drie belangrijke naoorlogse golven van arbeidsmigratie aan te wijzen: Zuid-Europeanen die werden aangetrokken in de jaren vijftig en zestig onder de EEG, Turken en Marokkanen in de jaren zeventig en de vervolmaking van de EU rond de millenniumwisseling: “Bedrijven als de Hoogovens en Philips richten hun blik daarom op het buitenland. Men is op zoek naar tijdelijke arbeiders, vandaar de naam ‘gastarbeiders’.”3

Het gros van de arbeidsmigranten in ons land is werkzaam in basissectoren zoals de logistiek, tuinbouw en voedingsindustrie.4 Het is voor beleidsmakers een uitdaging om een accurate schatting van het aantal arbeidsmigranten in Nederland te maken: “Zo’n 40 procent van de gedetacheerde arbeidsmigranten wordt volgens onderzoeksbureau Panteia niet gemeld. In deze cijfers zijn gedetacheerde beroepschauffeurs (2021: circa 300.000) niet opgenomen, “wegens het specifieke karakter van dit werk”, aldus de Adviesraad.5 We hebben dus weinig grip op het werkelijke aandeel arbeidsmigranten in onze economie. Maar zelfs met de beperkte gegevens is het beeld van een uitgebuite massa arbeiders zonder Nederlands paspoort niet te verhullen.

Dit artikel wordt afgebakend rond de gangbare definitie van arbeidsmigranten. Kennismigranten verdienen een eigen analyse dankzij hun gewilde expertise en hoge opleiding. Toch mag genoemd worden dat ook zij vaak bovenmatig worden uitgebuit. De expatregelingen die kennismigranten fiscaal aantrekkelijk maken zijn niet voor niets een belangrijk thema voor het nieuwe kabinet.

Busjes

Per 2023 zijn er 1 tot 1,3 miljoen gastarbeiders in beeld.6 Die werken niet alleen hard voor een laag loon, maar vallen ook onder de zogeheten A1-verloningsregeling. Met deze Europese wetgeving bespaart een kapitalist op loonkosten door lagere pensioenen, WW- of WAO-afdrachten in het thuisland. De A1-regeling is zo winstgevend dat sommige bureaus zich volledig richten op het adviseren van ondernemers voor “een hogere marge op werknemers uit de EU”.7 Ook de verruiming van flexwerk en lagere drempels voor ontslag vormen perverse economische prikkels die de uitbuiting van buitenlandse arbeid in de hand spelen.

Voor een praktische uitwerking van deze prikkels werpen we een blik op het Zuid-Hollandse Westland. Rondom het hart van ons bestuurlijke centrum glinstert het glas van eindeloze hectares aan kassenbouw. In het nabijgelegen Den Haag wonen meer dan 50.000 arbeidsmigranten in het Transvaalkwartier. ‘s Ochtends worden groepen mensen met busjes opgehaald voor tewerkstelling in de kassen.8 De werkdagen beginnen rond 04:30 en duren 12 tot 14 uur. Arbeidsmigranten wonen dicht op elkaar in ongezonde huurwoningen die worden ingehouden op het loon. Als een arbeidsmigrant een dag niet aanwezig is of tegen zijn werkgever ingaat, riskeert hij het verlies van zo’n woning en de onvermijdelijke dakloosheid.9 Met de instroom van familieleden die de armoede van hun thuisland willen ontsnappen, kan het verlies van een woning voor een heel gezin uitmonden in een ramp.

Desondanks blijven gematigde stemmen zich uitspreken voor het aantrekken van nog meer gastarbeiders; ‘we’ hebben ze immers nodig: “Volgens onderzoek van migratiedeskundige Hein de Haas is migratie zelfs bijna onvermijdelijk als de economie extra arbeidskrachten nodig heeft. “It’s the economy stupid, dat geldt ook voor migratie”, zei De Haas vorig jaar in NRC.”10 Ook werkdeskundige Ton Wilthagen stelt het functioneren van onze samenleving voor als een arbeidsmatig dilemma tussen de uitbuiting van allochtone of autochtone arbeiders. In wezen gaat het om de weg die de ondernemer mag inslaan voor het verkrijgen van meerwaarde: “Meer uren werken of het inzetten van arbeidsmigranten, het is allemaal nodig om de maatschappij te laten functioneren.”11 Het ‘functioneren’ van de kapitalistische maatschappij is inderdaad gegrondvest in de mate waarin loonarbeiders worden uitgebuit.

Toestanden van weleer

Nederland, België, Duitsland en Oostenrijk zijn binnen de EU de absolute burgerkoningen in het tewerkstellen van arbeiders met een buitenlands paspoort. De NOS, Nieuwsuur en de FNV kwamen vorig jaar met een uitgebreid onderzoek dat het beeld van de Haagse gastarbeiders in de kassen bevestigt. Hun onderzoek liet zien dat arbeiders in de bouw in vergelijkbare omstandigheden wonen en werken: “De gravers die de NOS en Nieuwsuur spraken vertellen allemaal dat ze iedere dag op en neer gaan vanuit Den Haag. Maar ze slapen ook in loodsen elders in het land, weet Marian Raicu.”12

Marian Raicu is de oprichter van een vakbond voor Roemeense arbeidsmigranten. Via een Facebookgroep houdt hij contact met meer dan 13.000 gastarbeiders. Hij deelt een verhaal van een Roemeense arbeider bij de aanleg van glasvezelkabels in opdracht van telecomprovider KPN: “Raicu geeft het voorbeeld van een man van 45. Hem werd verteld dat hij in Nederland 25 meter glasvezel per dag moest aanleggen. Dat bleken er uiteindelijk 45 toen hij eenmaal hier was. Het gevolg was dat hij werkdagen van 14 uur moest maken. De huisvesting die was geregeld bleek een bed te zijn in een loods op een bedrijventerrein in de buurt van Utrecht. Klagen kon niet, want dan zou hij geen geld krijgen.”13 Gastarbeiders die voor KPN werken maken niet alleen lange uren. Uit het onderzoek blijkt ook dat veiligheidsvoorschriften zelden worden gehandhaafd en dat er vaak geen basisvoorzieningen zijn zoals een bouwkeet of een toilet.

Een ander voorbeeld zien we in de reportage Zembla: Arbeid op bestelling. Zembla filmde een inloopspreekuur van Stichting Barka, dat in 2012 is opgericht ter ondersteuning van Oost-Europese gastarbeiders. Medewerkers van de Stichting vertellen dat ze het elk jaar drukker krijgen. De arbeidsmigrant in het spreekuur beschrijft waarom hij is overgegaan op diefstal van eten: “Ik heb ontslag genomen omdat ze me bedrogen qua uren. Ik heb 69 uur gewerkt en 37 uur betaald gekregen. Je kunt er niets tegen doen, het is een zinloos gevecht. Nu heb ik geen geld meer en moet ik stelen. Ze kunnen me wat. Ik heb gewoon honger.”14

Opmerkzame lezers herkennen dit soort gruwelverhalen uit de tijd van Marx en Engels. Grote delen van Marx’ meesterwerk Het Kapitaal zijn niet voor niets gewijd aan rapportages van de arbeidsinspecties over de onmenselijke vertrekken waarin de meeste arbeiders leefden. Als voorbeeld kijken we naar een rapport van armendokter Bell uit Bradford over de huisvesting van Engelse arbeiders in 1865. De dokter concludeerde dat de woningtoestand de hoofdoorzaak was van vele epidemieën:

“In een kelder met een inhoud van 1.500 kubieke voet wonen tien personen… De Vincent Street, Green Aire Place en de Leys staan 223 huizen met 1.450 bewoners, 435 bedden en 36 privaten. Elk bed — en daaronder versta ik iedere bundel smerige lompen of een handvol houtkrullen — wordt door gemiddeld 3,3 personen beslapen, vaak door vier of zes personen. Velen slapen zonder bed op de grond met hun kleren aan, jonge mannen en vrouwen, getrouwd en ongetrouwd, alles door elkaar. Is het nodig hieraan toe te voegen dat deze behuizingen meestal donkere, vochtige, smerige stinkholen zijn, absoluut ongeschikt om te dienen als woning voor mensen?”15

Een kelder met een inhoud van 1500 kubieke voet is bij een hoogte van 1 meter 80 zo'n 23 vierkante meter, dus in 1865 hadden Engelse arbeiders 2,3 vierkante meter per persoon. Bij het lezen van dit soort bronnen schrikt de 21ste eeuwse passant. Hoe kunnen werkers worden gehuisvest in dit soort onmenselijke omstandigheden? Men moge dankbaar zijn dat de hoogontwikkelde kapitalistische maatschappij deze natuurtoestand voorgoed de deur heeft gewezen. Jammer genoeg hoef je niet ver te zoeken om in Nederland vergelijkbare woonvertrekken te vinden voor arbeidsmigranten: “Met zijn tweeën op vier vierkante meter voor 800 euro per week. Slapen in ploegendiensten. Een huis vol schimmel in een achterstandswijk.”16

De verschrikkelijke huisvesting toont dat gastarbeiders niet alleen worden uitgebuit op werk. Het ‘recht’ op werk is vervlochten met parasitaire tussenpartijen die extra geld vragen voor het eerdergenoemde vervoer naar de kassen, of extreem hoge huurlasten voor beestachtige woonvertrekken.17 Om nog maar te zwijgen over de garanties bij ziekte of arbeidsongeschiktheid, die net als het onderkomen verdwijnen bij ontslag.18 Zodoende worden onze allochtone arbeiders onderworpen aan dezelfde praktijken als de arbeiders in de industriestad Manchester, waar Friedrich Engels in 1845 het volgende over schreef: “De arbeider wordt gedwongen zulke ruïneuze woningen te bewonen, omdat hij niet voor andere kan betalen, en omdat er geen andere in de buurt van zijn fabriek zijn; misschien ook omdat ze eigendom zijn van de werkgever, die hem alleen in dienst neemt op voorwaarde dat hij zo'n huisje neemt.”19

Autochtoon versus allochtoon

De genoemde feiten roepen de vraag op hoe arbeidsmigranten in verhouding staan tot de Nederlandse arbeidersklasse. Hun nationaliteit maakt het ingewikkeld om voor zichzelf op te komen. Vaak hebben arbeidsmigranten een levendige band met hun thuisland en sturen ze een deel van het loon terug. Bij de vervolmaking van het monopoliekapitalisme wees Lenin op het verschil tussen naties bij de verdeling van zogeheten superwinsten. De meest ontwikkelde kapitalistische landen kunnen de hoogste winsten opstrijken door hun onderwerping van de rest van de wereld, zij dit met militaire, diplomatieke of monetaire macht. Imperialistische dominantie creëert bevoorrechte toegang tot afzetmarkten, grondstoffen, transportroutes en arbeidskrachten: “– er zijn eigenlijk vier onafhankelijke, gigantische en moderne landen met welvaart: Engeland, Frankrijk, de VS en Duitsland. Deze landen hebben hun monopolie dermate ontwikkeld, dat ze superwinsten krijgen over de ruggen van honderden miljoenen mensen in andere landen.”20 In onze eigen tijd is het monopoliekapitalisme nog veel verder ontwikkeld, en wordt er door machtsblokken onderling nog altijd gevochten om deze monopolies.

Ook wees Lenin aan het begin van de twintigste eeuw al op migratiestromen naar de ontwikkelde imperialistische landen: “In de Verenigde Staten hebben de emigranten uit Oost- en Zuid-Europa de slechtst betaalde baantjes, terwijl de Amerikaanse arbeiders het hoogste percentage leveren van de opzichters en van hen die de best betaalde arbeid ontvangen. Het imperialisme heeft de tendens ook onder de arbeiders bevoorrechte categorieën af te scheiden en deze van de grote proletarische massa los te scheuren.”21

Een Bulgaarse kapitalist droomt van de omzet die een Nederlands glastuinbouwbedrijf kan draaien door zijn positie in de wereldeconomie.22 Het kapitalisme wordt immers gekenmerkt door ongelijkmatige economische ontwikkeling van verschillende landen. Het is dan ook niet verwonderlijk dat een Bulgaarse arbeider zijn heil ergens anders zoekt. De economische ongelijkheid is een belangrijke aanjager van arbeidsmigratie. Het kapitalisme maakt het de moeite waard om duizenden kilometers te reizen als de arbeidsmigrant zijn arbeidskracht voor een hogere prijs kan verkopen. Eenmaal aangekomen verdienen arbeidsmigranten een stuk meer dan thuis, maar er schuilt een burgerlijk addertje onder het gras.

In ruil voor deze droge kruimel, krijgt de Hollandse ondernemer een vrijbrief om de arbeidsmigrant harder en langer te laten werken dan wat maatschappelijk (of zelfs wettelijk) gangbaar is. De winsthonger van de kapitalistische economie creëert een aanhoudende vraag voor werknemers die ook wel meer dan 60 uur willen werken, zelfs als veel Nederlandse arbeiders hier nog voor worden beschermd. Zonder de kennis en juridische middelen die de Nederlandse werknemers in veel sectoren hebben bij het verdedigen van hun verworvenheden, komt de arbeidsmigrant ook in ons ontwikkelde Westen uit op een toestand die niet wezenlijk anders is dan een Engelse schoorsteenveger in 1865.

Conclusie

Zo keert het dilemma van eerder terug: of u werkt harder, of we zoeken iemand anders die harder werkt. Ons economisch systeem schept de voorwaarden voor zulke inhumane dilemma's. Het socialisme-communisme biedt daarom de enige duurzame oplossing. Ironisch genoeg sorteert het CPB al voor op een totale verandering: “als je niks wil veranderen aan de economie, moet je accepteren dat daar arbeidsmigratie bij hoort. "You can’t have your cake and eat it too.”23 Gelukkig is het veranderen van de economie precies wat wij voor ogen hebben.

De belangrijkste eis om het reële bestaan van de gastarbeider vandaag te verbeteren is het afschaffen van alle regelingen die uitbuiting aantrekkelijk maken. Daarnaast moeten alle werknemers ongeacht hun paspoort onder Nederlandse wetten en premies vallen. Volgens beleidsmakers is dit al zo, maar de praktijk laat zien dat een apathische arbeidsinspectie te veel ruimte aan ondernemers geeft om overtredingen te begaan. Een gastarbeider moet juridisch geen gastarbeider meer zijn, maar over exact dezelfde verworvenheden beschikken als een autochtone arbeider. Dit geldt ook voor cao’s en loonsverhogingen. Deze eisen brengen ondernemers in de verlegenheid omdat zij daarmee moeten erkennen dat dit nu niet het geval is en dat hun fiscale voordelen verwateren.

Arbeiders die van buitenaf komen werken in een socialistische economie hebben recht op wat zij bijdragen aan het productieproces. Zo was het ook in de Sovjet-Unie, toen honderdduizenden arbeiders van over de hele wereld werden aangetrokken voor de industrialisatie van de jaren dertig. Elke arbeider, autochtoon of allochtoon, had recht op dezelfde verworvenheden; een zeven-urige werkdag, bovenop vrije feestdagen minstens twee weken betaald verlof, minimale huurlasten en gratis toegang tot de nationale gezondheidszorg. Deze rechten waren een internationaal unicum en werden in het westen pas gangbaar na de Tweede Wereldoorlog (alhoewel de VS nooit zo’n vooruitgang zouden doormaken). Nadat de noodzakelijke collectieve lasten waren afgetrokken van de door hen geproduceerde rijkdom, kregen ook arbeidsmigranten net als alle andere werkende mensen precies terug wat ze erin hadden gestoken. Private kapitalistische toe-eigening, en de omstandigheden die onze eigentijdse uitbuiting zo aantrekkelijk maken, werden onder het socialisme onmogelijk gemaakt.

Hoewel dergelijke verworvenheden van ruim negentig jaar geleden voorlopig nog toekomstmuziek blijven, is de sleutel van het arbeidsmigranten-vraagstuk de gelijktrekking met Nederlandse werkers. Zo kunnen we een verenigd, internationaal front vormen tegen de onbetwiste oorzaak van werkgerelateerde verdeeldheid, uitbuiting en proletarisering: de burgerlijke klasse.


  1. Graeme Wearden, “Georgieva: Migration over US border is boosting its economy,” The Guardian, 18-04-2024.
  2. Esther Lammers, “Het CBP ‘verkeek zich’ op de komst van arbeidsmigranten naar Nederland,” Trouw, 09-04-2024.
  3. “vanaf 1960, De gastarbeiders; Nieuwe Nederlanders,” Canon van Nederland.
  4. Arbeidsmigranten in Nederland-factsheet, ABU.
  5. Sezen Moeliker, “Uitbuiting, onderbetaling en dakloosheid: arbeidsmigrant met werkgever in ander EU-land loopt nóg meer risico,” NRC Handelsblad, 13-03-2024.
  6. Arbeidsmigranten in Nederland-factsheet, ABU, ibid.
  7. ‘Verlonen middels A1 regelgeving, A1-Verloning loont,’ A1 Verloning.
  8. Argos, “De vergeten kinderen van de arbeidsmigrant,” VPRO, 30-03-2024;
  9. Marleen de Rooy, “Van Gennip wil positie arbeidsmigranten verbeteren: uitbuiting Nederland onwaardig,” NOS, 01-12-2022; Jan Douwe Krist, “Veel meer dakloze arbeidsmigranten dan gedacht: zeker 6000,” RTL Nieuws, 04-12-2023.
  10. Rik Rutten, “Migratierapport stelt formerende partijen op de proef: arbeidsmarkt met weinig regels jaagt immigratie aan,” NRC Handelsblad, 08-04-2024.
  11. Janne Chaudron, “Gezocht: een kabinet dat krapte op de arbeidsmarkt aanpakt,” Trouw, 19-04-2024.
  12. Reinalda Start, Gert Janssen, “Zorgen over arbeidsmigranten bij aanleg glasvezel: 'Er is van alles mis',” NOS, 23-10-2023.
  13. Ibid.
  14. Lisa Schuurmans, “'Ik heb 69 uur gewerkt en 37 uur betaald gekregen'. Waarom worden arbeidsmigranten zo slecht behandeld?,” JOOP, 17-01-2025.
  15. Karl Marx, ‘Hoofdstuk 23; De algemene wet van de kapitalistische accumulatie’ in Het Kapitaal: Een kritische beschouwing over de economie; Deel 1 het productieproces van het kapitaal. (De Haan, Bussum, 1983).
  16. René Lukassen, “Arbeidsmigranten nog steeds opgehokt: 4 vierkante meter voor 800 euro per week,” RTL Nieuws, 02-2024.
  17. Die Lage der arbeitenden Klasse in England was een baanbrekende studie over de levensomstandigheden van de arbeidersklasse in 1845. Engels was destijds 24 jaar oud en kon zijn ogen niet meer sluiten voor de erbarmelijke omstandigheden van de werknemers in de textielfabrieken van zijn vader; Friedrich Engels, ‘De grote steden,‘ in Condition of the Working Class in England. (Instituut voor marxisme-leninisme, Moskou, 1969).
  18. “Geen tweederangsburgers. Aanbevelingen om misstanden bij arbeidsmigranten in Nederland tegen te gaan,” Rijksoverheid, 30-10-2020, 45.
  19. Bart Olmer, “Zo slapen arbeidsmigranten in illegale panden in Groningen. 'Wie klaagt riskeert zijn baan en onderdak',” RTV Noord, 28-05-2022.
  20. V.I. Lenin, eigen vertaling van ‘Imperialism and the Split in Socialism,’ in Lenin Collected Works: Volume 23 (Progres, Moskou, 1964).
  21. V.I. Lenin, ‘VIII. Parasitisme en ontbinding van het kapitalisme’ in Het imperialisme als hoogste stadium van het kapitalisme (Progres, Moskou, 1966).
  22. Atrium Agri, een fusie van zeven grote glastuinbouwbedrijven met financiering van de Rabobank en ING, hoopte in 2021 op een omzet van 400 miljoen euro. Het gemiddelde Bulgaarse glastuinbouwbedrijf heeft een omzet van tussen de 1 en 5 miljoen euro. Veel Bulgaarse bedrijven in deze sector zijn in handen van ontwikkelde kapitalistische landen. Novita Prim bijvoorbeeld, met belangen van Italiaanse, Deense, Franse en Spaanse bedrijven. Novita Prim levert op zijn beurt productiemiddelen zoals sproeiers en dieselpompen aan westerse klanten, waaronder het Nederlandse bedrijf Mooij Agro. De concentratie van arbeidskrachten binnen de glastuinbouwsector vindt men echter in de ontwikkelde economieën. Tjabel Daling, “Zeven bedrijven klonteren samen en creëren nieuwe gigant in Nederlandse glastuinbouw,” Financieel Dagblad, 25-12-2021; “Bulgarian horticulture market scan,” Ministerie van Landbouw, Cultuur en Voedselkwaliteit, 20-11-2021.
  23. Rick Rutten, ibid.

Wil je een abonnement op Manifest?

Met jullie hulp garanderen we een communistische visie op de actualiteit in Nederland

Manifest is de krant van de NCPN die tien keer per jaar verschijnt. Met Manifest blijf je op de hoogte van de actualiteit en van onze acties. Manifest belicht verschillende aspecten van de strijd in binnen- en buitenland, en publiceert analyses die inzicht bieden in de nationale en internationale ontwikkelingen vanuit een marxistisch-leninistisch perspectief. Neem nu een abonnement op Manifest of vraag een gratis proefabonnement aan.

Abonneer Nu!